Ga elke dag een uur naar buiten, het liefst in de ochtend. Genoeg daglicht overdag in je ogen helpt om melatonine aan te maken: een stof waardoor je ‘s nachts beter slaapt.
Slik geen melatonine-pillen. Die kunnen je slaapritme in de war maken.
Praat over zorgen en problemen met een vriend of vriendin.
Drink niks met cafeïne erin in de 6 uur voor je gaat slapen.
Blijf je slecht slapen? Dan helpt een behandeling om beter te slapen.
In zo’n behandeling leer je oefeningen om te ontspannen. Je gaat je bed weer als een fijne plek zien, waar je vanzelf aan slapen denkt. Ook kun je je lichaam leren om sneller in slaap te vallen door korter in bed te liggen.